dinsdag 12 augustus 2008

Back to Delhi

Opnieuw een reis naar de hel van India. Wat zien we er tegenop! We zijn dan ook verbaasd dat we zo gemakkelijk en voor een goede prijs een taxi richting het centrum bemachtigen. In de taxi ben ik nog meer verbaasd over mijn gevoelens. Terwijl een briesje vrolijk door de haren waait observeren we glimlachend de Indische chaos. Straatventers verkopen het ondenkbare, taxichauffeurs discusieren over prijzen, kapsalons op straat, winkels zijn volgestouwd, koeien blokkeren het verkeer, bedelaars steken hun hand door de ruit van de taxi. Oorverdovend getoeter, doordringende geuren en felle kleuren prikkelen je zintuigen. Angstaanjagende kasjmiri's, grappige punjabi's, sikh's met opgerolde baarden en snorren, heilige sadu's met dreadlocks en een geschilderd gezicht. In Delhi vind je hen allemaal. Vrouwen in kleurrijke sari's kleuren het straatbeeld. Plots weet ik het. Ik hou van dit land met al zijn extremen. India ontroert je, maakt je aan het lachen, grijpt je bij de keel en degouteert je. Als je hier rondreist zit je ongetwijfeld op een emotionele rollercoaster maar het laat je nooit meer los. Ondertussen blikken wij terug op een geslaagde reis. Met gemengde gevoelens keren we terug. We zijn verdrietig dat het einde nabij is maar we kijken er naar uit om familie en vrienden terug te zien! Op 13 augustus zetten we terug voet aan land in Belgie...... Tot gauw

Zuid Afrika

Na een fantastische rondreis zjn we terug in Noordhoek. We zien hoe het guesthouse van Bram en Margaux een pareltje wordt. We besluiten het einde van de reis en het afscheid van onze vrienden op een gepaste manier te vieren. Na een heerlijke, Afrikaanse maaltijd gooien we onze beentjes los in de kaapse uitgaansbuurt. Geen hindipop met bijhorende moves, geen chinese klaagzangen of oostaziatische karaoke. Voor het eerst sinds lang horen we bekende deuntjes en het werkt aanstekelijk. Op onze laatste dag in het Afrikaanse continent brengen we een bezoekje aan kaap de goede hoop. Vanop afstand zien we walvissen in het woeste water van de kaap. Het is goed geweest.

De Kalahari

We bereiken de wereldberoemde kalahari waar 'the gods must be crazy'. Tot voor kort was het de thuis van de san, bosjesmannen die met hun tong klikken en 30.000 jaar dit gebied bevolkten. Het landschap bestaat uit struiken en open grasland waarop het wild vredig graast. Deze keer zijn we vastbesloten 1 van de vele leeuwen te spotten . We staan zelfs voor zonsopgang op. Tewijl de zon stilletjes aan de horizon verschijnt snorren we met sjaakie door de savanne. Een leeuw krijgen we niet te zien. Wel worden we betoverd door het ontwaken van de Kalahari. De ochtendzon werpt een gouden gloed op het gras. De warme kleur verdrijft langzaam maar zeker de kilte van de nacht. De san werden verdreven uit het gebied. Ze leven nu aan de rand van het reservaat. Via verschillende projecten proberen ze hun rijke geschiedenis en kennis te bewaren. Het was dan ook fijn om tussen deze mensen te logeren.

Okavango, planet baobab, de zoutmeren

Met een houten kano varen we (veel te kort) tussen het riet van de okavango delta. Een wandeling in de delta brengt ons bij een poel vol nijlpaarden die we geamuseerd observeren. Briesend en brommend duiken ze onder om daarna weer met hun oren boven het wateroppervlak te dobberen. Na een ontspannend verblijf tussen de giganten van planet baobab reizen we door de zoutmeren. We ervaren fata morgana's en andere vreemde weerspiegelingen op het zoutoppervlak. We trotseren de hitte en lunchen in de witte leegte. Het is een bizar, surealistisch en mooi niemandsland. De rit door de droge meren brengt ons naar kubu island, Een baobab oase in de zoutvlakte. Daar gekomen maant een dame ons tot stilstand aan. Ze heeft een kapsel waarvoor je ieder morgen je vingers in het stopcontact moet steken. Ons gegrinnik stopt wanneer ze ons duidelijk maakt dat we haar een som twv 50 euro moeten betalen voor het betreden van het eiland. Dat is de toegangsprijs zeg maar. We starten een discussie maar als de dame opgewassen is tegen electriciteit, is ze dat ook tegen ons. We weigeren te betalen en poetsen de plaat.

Botswana

Onze eerste bestemming in Botswana is het Moremi Nationaal park. Een wildpark met een uitdagend 4X4 parcours waar Daan zijn rijvaardigheid kan bewijzen. Anders dan in Namibie zijn er weinig of geen faciliteiten in Botswana. Je kunt kamperen in de parken maar er is geen omheining die de beesten op afstand houdt. Je slaapt dus in het hartje van de wildernis waar je verzekerd bent van nachtelijk bezoek! Uitkijkend naar dit avontuur beginnen we aan het bereiden van een heerlijke lasagne. Als we tijd genoeg hebben wordt het eten in de potjie gekookt. Dat is een loodzware, gietijzeren pot die je boven het kampvuur plaatst. Als je kooltjes op het deksel legt, heb je een oven waar je heerlijke schotels in kunt maken. Omdat de voorbereidingen van de maaltijd wat langer duren dan verwacht, is de duisternis ingevallen wanneer de pot het vuur op kan. We schenken een aperitiefje in en nemen gezellig plaats rond het vuur alias fornuis. Er komt een heerlijke geur uit de potjie en dat blijft niet onopgemerkt. Even later worden we opgeschrikt door geritsel in de struiken. In een mum van tijd veren we recht en screnen we de struiken met de zaklantaarn. We zien niet veel in het bedreigende duister van de Afrikaanse nacht. Het geritsel heeft onze rust verstoort en het valt op dat er niemand durft plaatsnemen naast de lasagne. Het ritselen blijft, we worden duidelijk in de gaten gehouden. Wanneer we de fluoricerende ogen ontdekken die ons gretig gadeslaan worden we zenuwachtig. Wat is het? Is het gevaarlijk? Wat moeten we doen? Veel vragen maar geen antwoorden.... Als Wannes en Daan een glimp opvangen van een zwarte pluimstaart zijn we opgelucht. Het zijn geen hyena's. We maken ons vrolijk als we zien dat de 1 een houtblok en de ander een schop in de hand heeft. Alsof dat de dieren afschrikt. Enkele tellen later waagt de lefgozer zicht uit de struiken. Een zwarte, kniehoge sluwert met een lengte van 1 m stevent recht op onze vuilbak af. Hij doet zich tegoed aan onze etensresten en schuwt onze aanwezigheid niet. Genietend van de hoorn des overvloeds nodigt hij zijn vriend uit. Met zijn tweeen maken ze onze kampsite onveilig. Wanneer we info inwinnen over onze ongewenste bezoeker kruipt de schrik er goed in. Het blijkt om een honeybadger te gaan. Een vechtlustige en aggressieve das van het gevaarlijke soort, hij wordt slechts zelden gespot. Later horen we dat zelfs een leeuw bang is van hem. Ontstemd door de info durft niemand (ondanks de honger) in de buurt van de lasagne komen waar de badger natuurlijk ook op uit is. We rapen onze moed samen, grijpen het eten en verorberen de maaltijd binnen 4 muren. Na het avondmaal kruipen we onder de wol om aan het nachtelijk gevaar te ontsnappen. Luisterend naar de allesoverheersende safari symfonieen vallen we verbazend snel in slaap. Plotsklaps schrikken we wakker van knorrend, brommend en brullend wild op een boogscheut van de tent. Terwijl Daan en lieve hoog en droog in hun daktent resideren, bivakeren wij op de grond. Slecht een tentzeil gescheiden van de nachtelijke rovers. Een schobbejak komt tegen onze tent aanschurken, op 10 cm van ons hoofd. We houden beiden onze adem in. 'Wat is het?' Vraag ik Wannes. 'Ik weet het niet' fluistert hij terug. Gespannen luisteren we naar de geluiden die angstwekkend dichtbij zijn. En dan horen we ze..... Al stampvoetend lijkt het alsof er een heel leger in aantocht is. Wannes hoort ze lachen en krijsen. De hyena's marcheren voorbij. Ondanks de spannende gebeurtenissen hebben we goed geslapen. We onderzoeken de sporen van de nachtelijke bezoekers. We concluderen dat er inderdaad hyena's passeerden en dat een warthog (wild zwijn met slagtanden) tegen de tent schuurde. Hoewel we meenden gebrul te horen waren er van leeuwesporen geen sprake. Na een stevig ontbijt trekken we (4 voor de prijs van 2) het park in. Lieve en ik zitten op het dak vanwaar we een zalig overzicht hebben. Wanneer we de gedachte van de gevaarlijke leeuw die de weerloze toeristen oppeuzelt niet uit het hoofd krijgen, kruipen we terug in de jeep. Grote kuddes olifanten, giraffen, zebra's, apen, springbokken, kudu's, nijlpaarden, roofvogels,... we zien het allemaal. Leeuwen, luipaarden en hyena's houden zich overdag voor ons verborgen.

zaterdag 26 juli 2008

Walvisbay, Cape cross, Etosha national park

Na de woestijn en de bergen focussen we ons op de plaatselijke fauna. We observeren een kolonie flamingo's die rustig pootje baadt in de lagune. Een overvliegend vliegtuig komt even hun rust verstoren waarop de vogels met hun langgerekte lijven en uitstekende poten als peilen de lucht in schieten. Een dagje later ontmoeten we Afrika's meest stinkende zoogdier: de zeehond. Ze zijn in grote getalen aanwezig op het strand van Cape Cross. Om hen te aanschouwen trotseren we een degoutante, allesoverheersende geur die medogenloos onze neusgaten penetreert. De halve zeehondenpopulatie ligt met hun logge lijf lui te wezen op het strand. Ze produceren een polyfoon gemekker terwijl ze waggelend over elkaar klauteren. In het water zijn de dieren duidelijk meer in hun element. Pijlsnel glijden ze sierlijk door het water. Als volleerde surfers doorklieven ze de golven. In Etosha verkennen we de savanne. We spotten meer wild dan we durven dromen. Grote kuddes giraffen, zebra's, herten en wildebeesten kruisen ons pad. Exotische vogels met bontgekleurde veren of lange staarten geven kleur aan de bomen of vliegen vrolijk fladderend voorbij. Olifanten begroeten elkaar hartelijk bij de poel terwijl de giraf zijn spreidstand oefent tijdens het drinken. Een eenzame neushoorn kijkt schichtig om zich heen alvorens hij een slok neemt. Kakelende parelhoenders lopen rond als kiekens zonder kop. Een varaan tilt zijn staart boven het gras en een familie warthogs loopt zonder aarzelen recht op het water af. Vader sergant houdt de kinderen in het gelid; In een rechte lijn met de staart omhoog bereiken ze de bron. Namibie is geen low budget bestemming. Onze financiele situatie noopt ons tot het toepassen van slinkse trucken. Om park entries-, permit- of overnachtingskosten te ontwijken verstoppen Wannes en ik ons in de wagen. We bouwen een fort met campingmatjes en een bedsprei waarachter we ons vakkundig verbergen. Terwijl het zweet van ons lijf gutst wachten we met kloppend hart tot we de controle post voorbij zijn, vurig hopend dat onze camouflage stand houdt tijdens het binnenrijden. Verbaasd over hoe gemakkelijk dat gaat, groeit ons lef. Als proffesionele onkostenontduikers transformeren we ons in een mum van tijd tot smokkelwaar.

zaterdag 19 juli 2008

Sossusvlei en Naukluft mountains

Via een oude vulkaankrater rijden we naar de woestijn van Sossusvlei. Rode zandduinen, een gebarste kleibodem en dode bomen treffen we er aan. Impressionant. Door de aangename temperaturen kunnen we onze short en topje nog eens aan. Joepie! Sjaakie krijgen we moeilijk aan de praat en soms wil hij niet meer vooruit. Ondertussen raken we door onze voedselvoorraad heen. Honger lijden we niet maar we moeten onze hersencellen pijnigen om iets smakelijks te maken met de weinige ingredienten waarover we beschikken. Het is niet eenvoudig om een winkel te vinden in het dunbevolkte Namibie. We cruisen door het desolate natuurlandschap en spotten veel wild. We zien struisvogels, klipspringers, steenbokken, kudu's gemsbokken, dassies, jackhalzen en enkele Zebra's. Via de Naukluft Mountains rijden we richting stad. Daar kopen we de supermarkt half leeg en doen we Sjaakie binnen voor een onderhoud. De garagist is een toffe pee. Hij lijkt wel meedelijden te hebben met ons en hij help ons zonder zijn werkuren aan te rekenen. 's Avonds loodst hij ons de duinen in waar we na een 4X4 stunt gratis kunnen overnachten. Onze eerste Barbecue is er 1 vol zand in een verbluffende woestijnsetting....

The Fish river Canyon

Voor we koers zetten richting Namibie kopen we proviand in een gigantische supermarkt in ZAF. Het kwijl loopt uit onze mond terwijl we ons aan het aanbod vergapen. Met al het lekkers in Sjaakies koffer arriveren we in Namibie. Tijdens onze eerste nacht houden miljoenen sterren fonkelend een oogje in het zeil. Dag 2 maken we ons klaar voor - je raad het nooit- een trekking. Ditmaal wordt het een survival volgend de regels van het SAS boek. Gewapend met pilchards, blikopener, rug- en slaapzak dalen we in de Canyon af. Beneden treffen we een gifgroene rivier en hagelwitte stranden. Zwaar beladen ploegen we door het zand en klauteren we over rotsen terwijl een winterzonnetje ons warm houdt. 's Avonds slaan we een oergezellig kamp op om onze eerste nacht in openlucht door te brengen. Een niet nader geidentificeerde lefgozer waagt het om 's nachts over mijn gezicht en mijn slaapzak te trippelen en mij zo de stuipen op het lijf te jagen. Het voorspelde koudfront treffen we 's nachts in onze slaapzak aan dus zijn we opgetogen wanneer de zon aan de horizon verschijnt. Na een heerlijke dag hebben we de tweede nacht minder geluk. Het koufront wordt vergezeld van regen. Gelukkig hebben we een buitenzeil van een 2 persoonstent mee waar we ons pilchardgewijs met 4 personen en 4 rugzakken onder wurmen. Ondanks de sterk gelimiteerde bewegingsvrijheid blijven we relatief droog. 9 juli wordt een hoogdag. Lieve is jarig dus staat er een verjaardagsdiner op het menu. Oeps, de campinggas is op.... Geen nood dit is een survival. In een mum van tijd knutselen onze Harry's een fornuis in elkaar (met stenen en sprokkelhout) waarop onze pot onmiddellijk zwart blakert. We serveren Lieve pilchards in een pikante tomatencoullie op een bedje van couscous. Jammergenoeg hebben we geen bubbeltjes om de boel op te vrolijken maar een beker Chateau riviere de poisson gaat uitstekend bij de vis. We houden ons kampvuurtje brandende en gaan nog 2 mooie dagen tegemoed.

Aankomst in ZAF

Er wacht ons een warm welkom bij aankomst in Noordhoek. We zijn blij om onze vrienden te zien. Bij Bram en Margaux genieten we van de heerlijke maaltijden, de verkwikkende douche en de goede nachtrust. We zijn aangesterkt om terug op pad te gaan

maandag 30 juni 2008

Afscheid van Azie

Nee we zijn het reizen nog niet beu! Integendeel, we besloten om nog een stukje aan de reis te breien. We zullen Daan en Lieve vervoegen die met hun 'sjaakie' het zwarte continent een jaar lang onveilig maken. Zij nemen ons op sleeptouw doorheen Zuid-Afrika, Namibie en Botswana. Hun avonturen kun je volgen op nowurry-nohurry.be. Steek op 14 augustus uw barbecue maar aan en hang de feestvlaggen uit want dan mag u ons thuis verwachten.

vrijdag 27 juni 2008

Thiksey

Thiksey is een prachtige 'witte stad' die tegen de heuvelwand gebouwd is. In de witte huisjes leven een 250tal monniken. Het klooster toornt er trots bovenuit. We bezoeken het klooster en zijn aanwezig tijdens het ochtendritueel. De kleine monniken hebben wat moeite met de discipline.... Wat ze voor ontbijt krijgen ligt al snel over de heilige ruimte verspreid. De hoofdlama heft zijn regel op en de orde is onmiddellijk hersteld. Na de plechtigheid lopen we wat in het stadje rond. Kleine monniken hangen met hun rode gewaden in de bomen en doen waterspelletjes. Meer dan de helft van de belhamels loopt met een fles cola en een zak chips in de hand. De tsampa was vast niet lekker.

Ladakh

Beslist een hoogtepunt van de reis! Het landschap is zooo mooi dat het niet te beschrijven valt. De bergen, meren, woestijnen en oases zijn magistraal. Authentieke bergdorpjes met mijn sympathieke bewoners lijken tegen de rotsflanken te plakken. Kloosters prijken als forten op de rotsen. Hoewel de foto's nooit zoveel schoonheid kunnen bevatten kunnen ze wel een indruk geven.

Bussen naar het dak van de wereld

We moeten op onze centjes leten dus besluiten we met een locale bus de hallucinante rit naar Leh te ondernemen. De bus wiegt en hobbelt gevaarlijk over de slingerende paden langs diepe ravijnen. Het wegdek is deze winter helemaal weggevroren. Nu bestaat de ondergrond uit zand, putten en stenen. Het is spannend als we tegenliggers kruisen. Vaak knijpen we onze ogen dicht om niet te zien hoe dicht we ons bij de afgrond bevinden. Bij het zien van de autowrakken in de diepte moeten we even slikken. We waren niet voorbereid op wat we te zien krijgen... De bergen worden steeds reusachtiger, woester en weidser. We doorkruisen vlaktes waar yaks grazen en nomaden leven. We volgen de Indus door enorme, rode canyons. We zien groene oases in het dorre woestijnlandschap. Robuuste rotsen hebben een bruine, beige of donderpaarse kleur. We moeten 3 passen van +5000 m over. Daar treffen we een maagdelijk sneeuwlandschap met gletsjers en hoogtemeren. Dit is met voorsprong het mooiste landschap dat we ooit zagen! Op dag 2 sputtert de bus tegen tijdens het nemen van de laatste pas. Op 13 km van de top begint de moter luid te protesteren. We komen slechts met schokjes van 1 m vooruit. We worden hevig door elkaar geschud. Vreemde gassen vinden hun weg in de bus. Ik hang uit het raampje uit schrik voor CO2 vergiftiging. 2 Minuten later plakt mijn maaginhoud (en van menig ander passagier) tegen de buswand. Afwisselend zitten we in de bus of lopen we ernaast. De nacht valt in. We kunnen profiteren van een verbluffende zonsondergang. Met de zon verdwijnt ook de warmte. De temperatuur daalt griezelig snel. We vorderen traag en raken stillaan onderkoeld. 4u later houdt de bus het voor bekeken op een boogscheut van het hoogste punt. Met z'n allen worden we de nachtelijke vrieskou ingestuurd om ons vehicle over de pas te duwen. leuk is anders maar je krijgt er wel warm van...... Naar beneden bollen is een fluitje van een cent. Veel te snel sjeest de chauffeur met het logge gevaarte naar beneden. Gelukkig is het pikdonker en kunnen we niet zien hoe gevaarlijk het is, Onderaan de berg worden we gedropt. De bus is stuk en moet gerepareerd worden. Dag 3 wordt de rit voort gezet. Een dodelijjk vermoeide chauffeur zet ons af in Leh....

Manali

Een lange busrit met vervelende buikkrampen brengt ons naar het hippiewalhalla Manali. De streek is heinde en ver bekend voor het betere kruidenwerk. Menig traveller ziet er dan ook uit alsof ze het nirvana bereikt hebben. De locale economie draait op de verkoop van verdovende middelen en Indy kledij die niemand aan wil, behalve de Israeli die hier in Te grote getallen aanwezig zijn. Wij vallen wat uit de toon. Het lijk in ons hotel in Delhi indachtig, besluiten wij te trippen in de bergen ipv op LSD.

dinsdag 3 juni 2008

INDIA

We hebben het zalige Nepal ingeruild voor het broeierig hete India. Eenmaal de grens over worden we direct geconfronteerd met met het leven zoals het is in India. Chaos, veel te veel mensen op een te kleine ruimte, duizend en 1 verschillende geuren de ene al veel beter dan de andere, overal honden met vieze ziektes, heilige koeien die op het gemakske plastic vreten en te pas en te onpas de straat blokkeren, vuilnis overal....en daarbovenop een hitte om u tegen te zeggen. Help, we willen terug naar Nepal was zowat onze eerste reactie. Na een tijdje begin je de charmes van alles in te zien. Je leert je te schikken naar de situatie. Je moet wel veel keus heb je niet. Na een afmattende treinrit van 20u (vertraging inbegrepen) arriveren we in Dehli. Stad van 13 miljoen Indiers. We hoorden al de wildste verhalen over India van andere reizigers maar als je nu en dan je ogen eens sluit en af en toe eens stevig van je af bijt, blijkt alles goed mee te valllen. We hebben de stad al eens doorkruist en die heeft veel te bieden. We hebben wel niet de ambitie om hier nog veel tijd te spenderen. Reizigers met smetvrees of mietitities komen beter niet naar India. Diegenen met veel geduld, begrip en een olifantenhuid zouden het hier wel eens leuk kunnnen vinden.

maandag 2 juni 2008

Baktapur

Wanneer je Baktapur binnenkomt wordt je de Middeleeuwen ingekatapulteerd. Het is een klein stadje, zonder auto's, toeterloos en de grote mensenmassa's ontbreken. Een heerlijk ongekende rust is neergedaald in de nauwe straatjes die kris kras door elkaar lopen. Baktapur wil zeggen: 'stad van de rijst'. De oogst is pas binnen gehaald en de bewoners zijn druk bezig met het kaf van het koren te scheiden. Het is een prachtige, historische stad waar de oude ambachten nog worden uitgevoerd. We zien pottenbakers, tangkaschilders, smeden en houtsnijders aan het werk. In dit eeuwenoude decor lijkt het plaatje te kloppen. Baktapur is een prachtig stukje erfgoed in een oase van rust!

donderdag 29 mei 2008

What to do in Katmandu?

Tussen de uistappen en de trekkings door keren we steeds naar de hoofdstad terug. Katmandu lijkt een magneet die ons naar zich toe zuigt. Hoewel het een drukke, vieze, vuile, stinkende en lawaaierige stad is, heeft het veel troeven. Op cullinair vlak bv. is er voor iedereen wat wils. Voor het eerst sinds lang duiken we nog eens het nachtleven in. Katmandu heeft veel leuke restaurantjes, cafes, parken en pleinen. Alles is goed verborgen zodat slechts enkelen de weg ernaartoe vinden... We logeren in the Red Panda, een superleuke guesthouse. Een thuis ver van huis. Ondertussen hebben we hier een uitgebreide kennissenkring uitgebouwd en worden we steeds meer wegwijs gemaakt in de stad met zijn verborgen hoekjes en kantjes. We leerden hier al momo's (soort dumplings) maken en woonden verschillende BBQ's bij. Tijdens de wekelijkse banda (soort staking of een reden voor de lokale Nepalees om niet te moeten werken) ligt heel Katmandu plat. Nothing to do in Katmandu, alles is dan gesloten. Bussen, taxis en zelfs riksjaws zijn moeilijk te vinden. Dan maar een petanque tornooi bij de vrienden van Yellow House.... zo geraken de dagen gevuld. De verjaardag van Boedha ging hier niet onopgemerkt voorbij. We trokken naar Boudanath waar een immense stoepa staat. 1000den boedhisten komen er een boterlamp aansteken en lopen een paar toertjes rond de stoepa. Het spectakel van vuur bracht een serene maar hemelse sfeer....heel pakkend!

dinsdag 20 mei 2008

Gosainkunda trekking

Het bemachtigen van ons Indisch visum heeft nogal wat voeten in de aarde! We moeten geduld uitoefenen wat ons tijd geeft om nog een trekking te doen. We willen eens goed afzien en we besluiten zonder gids of porter naar Shiva'a heilige hoogtemeren te trekken. Op ons plan staat een duidelijke trekroute. In werkelijkheid zien we de ene splitsing na de andere waardoor we op dag 1 al een verkeerde berg beklimmen. Het eerste deel van de trek lopen we door bossen. De rode loper ligt uit want de rodedendrons hebben hun bloesems verloren. Hoe hoger we komen, hoe guurder het weer. Het trekkingseizoen in Nepal is over en we hebben het geweten! Het overgrote deel van de dag lopen we door de wolken. Omringt door een dichte muur van nevel zie je geen hand voor je ogen. Door de inspanning zweet je je te pletter, maar de mist koelt je af. Je weet niet of je het nu warm dan wel koud hebt. We worden overmand door regen, sneeuw en hagel. Dit is afzien tot op het bot. Het landschap wordt desolaat. We zien enkel rotsen, grassen en besneeuwde bergtoppen. De weersomstandigheden maken de pas gevaarlijk glad. Eens boven de 4000m is het rillen geblazen. Ons water is ijskoud en bevriest je slokdarm. Slapen op zo'n grote hoogte is een ramp. We zijn beiden snipverkouden en worden om de haverklap wakker met een droge mond. 's Nachts houden we onze drinkbussen tussen onze benen geklemd om het bevriezen tegen te gaan. Omdat de weersomstandigheden het niet toelaten om de pas over te gaan zien we ons genoodzaakt om te overnachten in Nepal's goorste hol. Een vuil ventje, waarin Pit zijn gelijke gevonden heeft, baat de lodge uit. Zijn 'huis' heeft geen water, geen ramen, geen verlichting, kaarsen noch verwarming. Een laag aangekoekte vunzigheid zorgt voor de isolatie. Jammergenoeg kunnen we zien hoe hij het avondeten bereidt en we krijgen beiden met moeite een hap door de keel. Bacterieen overleven deze koude niet denken we snel. Bij het krieken van de dag zijn we dolgelukkig om Pit's lodge te verlaten. Wanneer we buitenkomen worden we met verstomming geslagen. De wolken zijn weggetrokken en het zonnetje lacht ons toe. Voor het eerst zien in wat voor omgeving we ons bevinden. Zover je kunt kijken zie je kolosale, rotsachtige bergen en uitgestrekte valleien. Adembenemend. Voor ons prijkt de besneeuwde pas als een oninneembare burcht. Nergens is er een levende ziel te bespeuren. Onze voetstappen in de verse sneeuw zijn de enige sporen van menselijke aanwezigheid. Heel rustig beginnen we aan de klim. De lucht is ijl wat de inspanning bemoeilijkt. Soms lijkt het alsof je een ademteug overslaat. Na de nodige pauzes bereiken we de pas. Eens boven maken vreemde emoties zich van mij meester. Fonkelende hoogtemeren weerspiegelen de bergtoppen. De Langtangbergen baden in een roze gloed van het ochtendgloren. De verse sneeuw licht op door de zon. Je ziet Langtang, Ganesh Himal, Anapurna en Mt Everest. Dit moment is zo zuiver en zo intens dat het moeilijk is om de traantjes te bedwingen. We halen het lekkers boven dat we voor de moment supreme bewaart hebben. In een oorverdovende stilte genieten we van de meest memorabele pic-nic ooit!!! Trots op onszelf trekken we verder om enkele dagen later naar Katmandu te bussen. We nemen onze tijd om te herstellen van een vervelende verkoudheid voor we naar India reizen.

woensdag 7 mei 2008

Chitwan nationaal park

Tijd om wild te spotten denken we zo! Waar anders dan in Chitwan. Niet alleen de hitte is een bedreiging. Bij aankomst in de bushalte worden we zowat geplet, vermorzeld en gevierendeeld door door taxichaffeurs en lodge eigenaars. Iedereen roept, schreewt, trekt en sleurt. Een niet te overziene chaos. We worden compleet overrompeld. We voelen ons kneusjes omringt door een hysterisch, gevaarlijke, op scherp staande mensenmassa die klaar blijkt de aanval in te zetten. We hadden niet gedacht het wild al in de bushalte aan te treffen. We kiezen een gladjanus uit die ons naar zijn lodge brengt. Na en vluchtige inspectie lijkt de kamer ok. Na enkele uren blijkt dit allesbehalve het geval. Onze voorgangers hadden het toilet van een cadeautje voorzien dat met geen emmer weg te spelen was. Douchen veroorzaakt een zondvloed. Grote spinnen nemen ook intrek in de kamer en we delen het bed met menig insect. Na een slapeloze nacht trekken we het park in. Tijdens een kanotocht zien we een krokodil. Een neushoorn neemt een uitgebreid bad in een moderige poel. Tijdens de jungle walk zien we kippen en mussen. Iets waar we niet echt van onder de indruk zijn. We moeten ons tevreden stellen met tropische vogels en kevers. Uitwerpselen van exotisch wild zijn allom tegenwoordig. Zo weten we ten minste dat ze er zijn. Na de wandeling gaan we met de jeep de jungle in. Een mooie tocht waarbij we vogels, pauwen, herten, apen en (vanop afstand) neushoorns zien. Andere toeristen raden ons een olifantensafari aan. Omdat de dieren niet bang zijn van de junglereuzen kan je heel dicht komen. We zijn niet happig want een olifant is niet gemaakt om mensen op zijn rug te dragen. Na ons te vergewissen dat de dieren heel goed behandeld worden kruipen we toch op de rug van zo'n mastodont. We worden meteen helemaal door elkaar geschud. Gratis aambeien stond niet in de reclamefolder. Nog maar net op weg bleven we bijna met ons hoofd aan een elektriciteitskabel hangen. Gered van de onthoofding of de elektrocutie wordt het uitkijken geblazen. Het dier had vast nog in de scouts gezeten en deed DDA. Met moeite ontwijken we laaghangende takken. Ons staartebeen wordt zwaar onder druk gezet en eelt vormt zich onder de oksels door het krampachtig vastgrijpen van het laadbakje. De olifant safari is een stille safari werd ons gezegd. Dat was buiten onze mahout ( olifant bestuurder) gerekend. Luid GSMend bestuurt hij het dier, het wildlife de stuipen op het lijf jagend. Na verloop van tijd worden onze inspanningen beloond. We lopen naast een moeder neushoorn en haar baby. Ze nemen een bad en trekken zich niks van onze aanwezigheid aan. Wat verderop kunnen we een soortgelijk tafereeltje aanschouwen. Hier graast een moeder met een jong. Dat maakt veel goed.....

white water rafting

Na een verdiende rust en een uitgebreide massage kunnen we er weer tegen. We boeken een rafttrip richting Chitwan nationaal park. We worden al snel benieuwd naar ons raftgezelschap. Als het maar geen Nederlanders zijn, dat beneemt ons het plezier luidop commentaar te geven. De eerste kennismaking is een desillusie. Lap, 2 vreemd uitziende noorderburen. Ons argwaan verdwijnt snel. Het blijken sympathieke jongens te zijn met een humor om je te bescheuren. Het wordt geen wilde rafttrip maar een flandria pleziervaart waarbij we onze ogen de kost geven. De rivier meandert tussen bergen en bossen, langs stranden en akkers. Weg van de bewoonde wereld. 's Avonds kamperen we langs de rivieroever en smullen we van een uitgebreide maaltijd. De weergoden zijn ons gunstig gezind. De moesson blijft uit waardoor we onder de blote sterrenhemel kunnen slapen. Dag 2 heeft meer uitdagingen voor ons in petto. Enkele mooie rapids smaken naar meer. Even wordt het spannend als we al zwemmend een stroomversnelling ingaan. We kiezen de verkeerde route en knallen 1 voor 1 tegen enkele stenen aan. Met alle ledematen nog aan ons lijf kunnen we veilig terug aan boord klauteren. Te snel zit de trip erop.

vrijdag 18 april 2008

Anapurna trekking

De laatste resten Katmandu worden zorgvuldig uit de neus gesnoten. Op het dak van de bus rijden we richting bergen om wat frisse lucht te inhaleren. Omdat we onszelf als fitte mensen beschouwen, besluiten we geen drager te nemen. We sleuren dus zelf onze grote zak de hoogte in. Een niet te onderschatten onderneming waar we in een later stadium af en toe om gevloekt hebben. Wel nemen we een gids onder de arm. Een sympatieke nepalese knul zolang hij van de raksi blijft. Stijgen, klimmen, klauteren, afdalen en opnieuw de hoogte in. Afzien in een decor dat de verbeelding tart. We doorlopen verschillende klimaat- en vegetatiezones. Elke dag bevinden we ons in een totaal andere omgeving. We passeren idyllische bergdorpjes, groene valleien, griezelige bossen, kale rotsen, dorre plateaus en besneeuwde bergen. We zijn nog net op tijd om de rodedendrons in bloei te zien, sureeel als je de besneeuwde bergen erbij ziet. Ik ken niet genoeg superlatieven om het uitzicht te beschrijven. Jammergenoeg kan je niet optimaal van het uitzicht genieten. Even niet focussen op je voeten en je landt onzacht op je smikkel. We starten de tocht in een tropische hitte en belanden uiteindelijk in het vrieskoude basecamp, omringt door 's werelds hoogste toppen. 's Avonds oogt het dramatisch door de mist en de nevel. Na een ijskoude nacht worden we getrakteerd op een roze zonsopgang en gouden bergtoppen. 12 dagen weg van auto's en smog. Enkel rust en stilte. We eindigen de trekking in de hot springs waar we de verzuurde spieren de ontspanning geven die ze verdienen.

Nepal

Omdat de deuren richting Lhasa stevig op slot zijn, kunnen we over land niet in Nepal geraken. Als we de Chinese media mogen geloven is er nochtans niks aan de hand in Tibet. Dan maar de lucht in, wat ons handenvol geld heeft gekost. Bij aankomst in Katmandu konden we onze ogen niet geloven. We moesten even knipperen om ons te vergewissen dat we niet voor de sporthal van Oedelem stonden. De gelijkenissen met het luchthavengebouw waren treffend, zowel van omvang als van 'architectuur'. Na een mini cultuurschok hebben we de stad met zijn vele pittoreske plaatsjes verkend. Katmandu is een kleurrijke, drukke en levendige stad. De mensen zijn vriendelijk en de vrouwen dragen prachtige, felgekleurde sari's. De hindoes lopen met de obligate rode stip op hun hoofd. Bij enkelen is de tikka geen subtiele bol maar een heuse klodder alsof hun karma betert door het meesleuren van dit extra gewicht. Als je niet uitkijkt loop je voor je het weet zelf met zo'n rode veeg op je gezicht. Een fraai uitziende "holy man" plaatst deze met de snelheid van het licht en laat zich daar vet voor betalen. Voor 'good luck' moet je afdokken... Een ander gevaar betreft de tenen. Je moet goed uitkijken dat ze niet vermorzeld worden onder voorbijscheurende taxi's, riksjaws of ander groot geweld. Frisse lucht is ver te zoeken. Nu weten we dat versmoggen een werkwoord is. Ondertussen werd ons gezelschap uitgebreid. Tine komt ons enkele weken vergezellen... JOEPIE

Afscheid van China

We zijn het erover eens, de Chinezen zijn rare wezens. Ze spreken zoals in de jommekes boeken en hebben de meest ergerlijke gewoonten. Rochelen is de nationale sport die vooral beoefend wordt in de bus of op restaurant. Tussen het slurpen door vinden ze de tijd om uitgebreid en oorverdovend de keel te schrapen. Alsof ze trots zijn op wat we verzameld hebben spreiden ze het resultaat op de grond ten toon. Een 'candle light dinner' is geen romantische uitstap hier. De keuken is allesbehalve fijn dus eten is meer een noodzakelijk kwaad. Ondanks hun onhebbelijkheden gaan we ze missen. Zelden hebben we zo'n vriendelijke en warme mensen ontmoet. Nog niet eerder zagen we zo'n grootse en weidse natuur. China heeft ons aangetrokken maar ook meermaals tegen de borst gestoten. Op zijn minst facinerend.

vrijdag 11 april 2008

Lugu lake

We maken enkele dagen een uitstap naar lugu lake. Hier vind je de laatste 'matriarchale clan' van China. Vrouwen bezitten geld, huizen,.... De man blijft bij zijn ouders wonen en de vrouwen mogen meerdere mannen uitkiezen om de nacht mee door te brengen, De volgende morgen mogen ze terug huiswaarts keren. Kinderen wonen bij de moeders en zien de vader af en toe. In principe komt het erop neer dat de vrouw hard werkt en geld verdiend. De mannen zijn wat luier.

white water terraces (baishuitai)

dinsdag 25 maart 2008

Mingyong gletsjer

We vinden onderdak bij een Tibetaanse familie. Restaurants of winkels zijn hier niet dus we zijn voor onze voedselvoorraad volledig afhankelijk van onze gastfamilie. Alles smaakt hier naar hoe een yak ruikt. De mensen zijn hier hartelijk en de omgeving is onbeschrijfelijk. Hier vind je geen westerlingen. We ogen exotisch want kinderen en ouderen komen ons spontaan begroeten. Er is hier nauwelijks openbaar vervoer. Locals vervoeren ons met hun auto naar de voet van de gletsjer. Na de zware tocht besloten we om het rustig aan te doen maar de klim naar de gletsjer wordt weer een kuitenbijtertje. 1 aanblik op de gletsjer doet de pijn vergeten. Het ijs vertoont grote barsten wat het alleen maar mooier maakt. Het oppervlak is ruw en het ijs is meters dik. We zien verschillende kleurschakkeringen van blauw naar wit. Af en toe hoor je het HEEL LUID kraken. Best eng. De hele omgeving is prachtig. De natuur is woest maar wondermooi. Bergtoppen, kloven, rivieren, plateaus, gletsjers en ravijnen,.... alles is hier groots. Beslist een stukje natuurpracht om van onder de indruk te zijn.

Downhill in de Himalaya

Een trekking daar komen we voor. Door het noodweer worden de shortcuts afgeraden. Er zit niks anders op dan de lange route te nemen. Niemand kan ons exact vertellen hoeveel km het is. In de namiddag wordt duidelijk dat we langs deze weg nooit voor het donker in Xidang geraken. Eenmaal onder de sneeuwgrens besluiten we het op een shortcut te wagen. Vol goede moed beginnen we het pad af te lopen. Het is er prachtig. We lopen tussen grazende yaks en we voelen ons nietig in het oneindige landschap. Dit is een trekking. WAAAAW. Het pad is steeds moeilijker te vinden en het wordt alsmaar steiler. Samen met het pad verdwijnt ook de fun. Ondertussen loopt de berg recht naar beneden. Wanneer Wannes 2X onderuit gaat is voor mij de maat vol. Verstijft van angst zit ik op de grond. Ik ging er prat op dat ik heel wat aankon maar bij downhill in de Himalaya ligt duidelijk mijn grens. Wannes demonstreert wanhopig allerlei technieken downhill maar geen enkele durf ik aan. Ik ontwikkel dan maar mijn eigen methode. Als een volleerde lawine schuif ik vol op het achterwerk de berg af. Eens in gang is remmen onmogelijk. Een enkele keer kom ik tot stilstand omdat ik vasthang aan een struik. Volledig hulpeloos is huilebalkje overgeleverd aan Wannes om bevrijd te worden. Ondanks dat ik me miserabel voel zie ik de humor van de situatie in. Als een groot gevaarte kom ik samen met honderden stenen de berg afgerold. Dat het komisch oogt kan ik uit de grijns van Wannes afleiden. We bereiken heelhuids het dal en zetten onze tocht verder. Dankzij de shortcut komen we voor het donker aan. Tijdens het eten voelen we onze spieren verzuren..... Dat belooft.

Naar de sneeuw

We trekken weg van de westerse beschaving en voorzieningen en we reizen nog dichter naar de Tibetaanse grens. Eens op de bus beginnen we onmiddellijk aan de helse klim. We gaan van 3500 naar 6000m. Het sneeuwt maar alles lijkt onder controle. De bus begeeft zich met een behoorlijke snelheid over de slingerende paden langs diepe ravijnen. Het begint harder te sneeuwen en noodweer steekt de kop op. De sneeuwkettingen worden opgelegd want je ziet enkel nog wit om je heen dus ook op het rijvlak. Het wegdek is spiegelglad en je ziet geen hand voor je ogen. Ondanks het noodweer rijdt de bus verder zonder de snelheid aan te passen. Althans voor even...... Voor we weten wat er gebeurt hangt de bus vol met zwarte rook. De chauffeur en enkele passagiers beginnen te schreeuwen. Er ontstaat paniek. Iedereen moet zo snel mogelijk de bus verlaten. Zo snel het gaat rent iedereen weg van de bus de sneeuw in. Zwarte rook komt overal uit het vehicle vandaan. Eens de ergste rookpluimen verdwijnen wordt de bus uit elkaar gehaald. Wanneer het gevaar van de vriesdood reeler wordt dan de verstikking nemen de passagiers 1 voor 1 terug plaats in de bus.. Enkele uren sleutelwerk en een aanrijding verder lijkt de bus klaar voor verderzetting van de rit. Na 5 minuten ontwikkelen zich opnieuw rookwolken. Dit maal is de rook wit. Deze zal minder gevaarlijk zijn want alsof er niks aan de hand is blijft de bus rijden... We halen opgelucht adem als we met menig uur vertraging veilig onze bestemming bereiken.

Zongdian, het Tibetaans hoogplateau

Tibet is hermetisch afgesloten. We kunnen wel naar de Tibetaanse autonome perfectuur reizen. Dat is een gebied op het Tibetaans hoogplateau buiten de fysieke grenzen van Tibet. De bevolking is Tibetaans. Het plateau is omringd door hoge bergen. Er grazen yaks in de uitgestrekte vlaktes, de regio staat vol stoepa's, tempels en kloosters en overal hangen gebedsvlaggetjes. Bij aankomst worden we getrakteerd op een chinese militaire parade. Vrachtwagens vol soldaten in gevechtsuitrusting passeren de revue. We zien tanks, pantserwagens, wegversperringsmateriaal,.... ongeloofelijk. Het Belgische leger kan er hoogst waarschijnlijk een puntje aan zuigen. Er zijn hier geen rellen maar het chinese leger is alom tegenwoordig. Ze tonen duidelijk hun overmacht om de Tibetanen koest te houden. Onze bewegingsvrijheid is gelimiteerd. Militaire controleposten houden onze reisroute nauwlettend in het oog. De omgeving is wondermooi en de mensen zijn supervriendelijk. We worden spontaan op de thee gevraagd wanneer we door de stad wandelen. Eens binnen worden we volgestouwd met snoep, nootjes en fruit. We bezoeken een belangrijk Tibetaans klooster en we zijn danig onder de indruk.

Tiger Leaping Gorge

De Yangtze rivier loopt door een reusachtige kloof, ook wel de Tiger Leaping Gorge genoemd. We trekken 3 dagen uit om de kloof door te lopen. Honderden meters onder ons stroomt de wilde, jadekleurige Yangtze rivier. Boven ons prijken de besneeuwde toppen van Haba en Yulu, beide zo'n 5600 m hoog. De tocht is niet zwaar, we nemen onze tijd om langs de rijstterassen en door de bergdorpjes te wandelen. Onderweg zien we idyllische tafereeltjes. Boeren werken met paard en ploeg op de velden, traditioneel geklede vrouwen lopen met grote manden op de rug om de oogst binnen te halen. De 2de dag kruist een Chinese reiziger ons pad. Hij wandelt met ons mee en dat zorgt voor heel wat animo. Wanneer we onze lunch willen betalen blijkt dat onze nieuw verworven vriend de kosten op zich neemt. Onze vriend spreekt weinig Engels maar dat is geen hinderpaal. De hele dag loopt hij met zijn mobieltje bij de hand (verbazend dat het daar functioneerd). Zijn vriendin, aan de andere kant van de lijn vertaalt alles wat hij zegt. Zo krijgen we het gevoel met 4 personen te wandelen. We vorderen langzaam want iedere boom, steen of grasspriet moet op de foto. 's Avonds nodigt onze vriend ons uit voor een maaltijd. Hij laat een grote hoeveelheid eten aanrukken en het bier vloeit rijkelijk. De chinese gastvrijheid kent geen grenzen, opnieuw betaalt hij de rekening! Aan het eind van de kloof nemen we afscheid.

woensdag 12 maart 2008

Dali en Lijang

In een dal tussen hoge besneeuwde bergtoppen ligt Dali. Het is een 'oude' Chinese stad die tot de verbeelding spreekt. De Chinese versie van Brugge zeg maar. De hele stad is ommuurd, je komt binnen via grote stadspoorten. De kleine huisjes hebben typische chinese daken. De dakgoten zijn versierd met rode lantaarns die de stad na zonsondergang in een rode gloed onderdompelen. door de straten lopen riviertjes met bloemen en bomen langs de oevers. We hebben extreem veel geluk want de kerselaars en de rode dendrons staan in bloei. Die geven het sprookje wat kleur. Hier zijn veel toeristen, vooral Chinezen. Voor het eerst in China zien we veel westerlingen. We verkennen het stadje en maken een fietstocht naar de omringende bergen. Onze winterjas hebben we nog niet nodig want de hoogtezon doet haar werk. Na Dali is Lijang aan de beurt. Het is hier nog mooier en nog toeristischer dan Dali. De Chinese toeristen drommen in grote getalen door de straten en de duizenden souveniershops doen gouden zaken. Ze zijn vollop bezig nieuwe 'oude' huizen in het historisch centrum te bouwen.

Kunming, stad van de eeuwige lente

Kunming is een drukke, moderne stad. Het staat vol wolkenkrabbers. Lichtreclame kleurt de stad. We snuiven de sfeer op langs de talloze eetkraampjes en op de drukke parken en pleinen. Het sociale leven speelt zich grotendeels op straat af en dat blijft ons facineren. Op iedere hoek van de straat zie je ouderen mah-hong spelen of kaarten. Anderen bespelen een instrument of zingen in een band. Een laatste groep bejaarden doet aan gymnastiek of dans. Grappig om te zien hoe populair dat is. 's Morgens zijn de parken gevuld met mensen die Tai chi doen. Wij vinden het leuk om al die gewoonten te observeren. Omdat kunming een shopping paradijs is, hebben we wat inkopen gedaan om ons te wapenen tegen de barre kou. Binnen enkele dagen trekken we naar de himalaya terwijl de winter nog in het land is. Onze lange onderbroek zal goed van pas komen!

woensdag 5 maart 2008

de terassen van Yuanyuan

China is een sprong in het duister. We ontmoeten hier weinig westerse toeristen en het reizen belooft moeilijk te worden. Communicatie is een reuzegroot probleem probeer hier maar eens busticketjes te regelen. Een maaltijd bestellen is een ander euvel dat we 3 maal daags proberen te overbruggen. Wannes heeft het hier net iets makkelijker. Zijn imitatie van de kip wordt steeds beter maar dan weet je nog niet welk deel van het dier je krijgt. Voor mij is het iets moeilijker want doe maar eens tofu of een soja scheut na. We bevinden ons in de bergen, omringt door 12.500 hectare aan rijstvelden. Een absoluut hoogtepunt!!! Uitgestrekte valleien met honderden terassen in evenveel kleuren. De kleuren veranderen naargelang de lichtinval. Op het middaguur lijken het spiegels, bij zonsondergang worden ze zilvergrijs of goudkleurig. 's Morgens is het mistig wat de omgeving een dramatische look bezorgt. 's Avonds zorgt de warme gloed voor een magisch geheel. Het is te mooi voor woorden. Je wordt er stil van. In dit gebied wonen een tiental verschillende bergvolkeren die de rijstvelden bewerken. Iedereen draagt hier prachtig gekleurde traditionele klederdracht.

dinsdag 4 maart 2008

China adventures

We zijn in China aangekomen! We beleefden al de zotste avonturen.... We merken wel dat we ons niet in een vrij land bevinden. Het internet is gecensureerd waardoor we onze eigen blog niet kunnen zien. Comments mag je achterlaten want die ontvang ik via mail.

Noord Laos

We reizen naar het noorden van Laos naar Luang Prabang. Een oude stad met 32 tempel. Rond 1500 was dit de hoofdstad van het rijk dus hier ligt het oude paleis. De hele stad is unesco werelderfgoed. Het is mooi maar we hebben langzaamaan een overdosis aan tempels en het kan ons niet meer helemaal boeien. De rit hiernaartoe was weer een helse onderneming.Een lokale overvolle nachtbus over swingende bergwegels loodsen blijft een hachelijke onderneming. De sanitaire stops zijn memorabel. De bus stopt langs de weg. Aan de ene kant de afgrond, aan de andere kant cliffen. Iedereen hurkt schaamteloos naast elkaar in de berm. Geen schutting van struikgewas of enig groen.... Even was ik geschokt toen ik merkte dat de vrouw naast mij niet enkel een plasje deed. Geen probleem, gewoon de broek terug aan en de bus op. Gniffelend zie ik de lijnbus naar oedelem stoppen voor de landbouwschool terwijl 20 hurkers de berm ontsieren. Dat kun je bij ons toch niet voorstellen......